9.9.15

Een voor binnen

 


Een die lang meegaat


"Je lijkt vandaag op een maffiavrouw, een Linda", zegt Dynamike als hij mij tussen de kamerplanten ziet staan. Dynamike draagt een broek, t-shirt, een vest en een pet, allemaal in dezelfde groene camouflage print. Daarover heeft hij een oranje hup-holland-hup sjaal. Gisteren vertelde Dynamike dat hij psychoses paranoia heeft dus dat hij soms erg achterdochtig is. Als ik hem naar zijn favoriete plant vraag, legt hij zijn vinger direct op de zonnebloem, "Deze, maar hij is te klein".

Terwijl Dynamike opzoek gaat naar een grotere plant, komt een wat oudere vrouw met een kinderwagen vol knuffels binnenlopen. Ik stel mezelf voor en ze antwoord "Ik ben natuurlijk Gerda, ik kom al jaaaren in het tuincentrum" waarna ze zich richting de orchideeën begeeft.

"Deze is spectaculair", zegt Dynamike met een monotone stem, vanuit een hoek van de ruimte. Hij wijst met twee handen naar de grootste gele chrysant.


Kamerplanten


De cliënten en het hulpverlenend personeel worden uitgenodigd een kamerplant uit het schap te halen die hen het meest aanspreekt. Zij worden gefotografeerd met de plant naar hun keuze en mogen deze vervolgens ook mee naar hun kamer nemen.

De foto's die vandaag genomen worden zullen onderdeel uitmaken van de tentoonstelling van LEVIATHAN die vanaf 7 oktober in museum Het Dolhuys te zien zal zijn en waar Aëgerter een interpretie maakt van het boekje "Zimmerpflanzen"



Woensdag 9 september


Vandaag opent er in de isoleercel een tuincentrum, afdeling kamerplanten. Tientallen verschillende soorten die stuk voor stuk binnenshuis gehouden moeten worden.

LEVIATHAN in het NRC

Maandag kwam Raymond van de Boogaard langs in de separeer ruimte, gisteren verscheen zijn artikel "Een nieuwe toekomst voor de separeer" in het NRC:


8.9.15

De dagafsluiting

Alle objecten hebben vandaag de tijd gehad hun schuld in te zien en mogen weer meedoen in het huishouden. De isoleer ruimte zal nu transformeren tot een tuincentrum.

Wie morgenochtend de deur van de isoleer opent, zal de geur van geraniums en jasmijn tegemoet komen. Tot dan!




Zonder klok nooit te laat


J wilde naast het prijskaartje van de vogel ook de tijd straffen, in het bijzonder 11:11. Op zijn wekker ziet hij immers dat hij te laat is en zonder uren zou hij altijd op tijd zijn.

Een uurwerk waar je uitslag van krijgt




De tijd zit wel vaker dwars. R vertelt over het gouden horloge dat hij kocht voor een kleine prijs van 3,50 op een Haagse markt. Blij met zijn nieuwe aanwinst droeg hij het horloge dagen achter elkaar. Totdat er onder het uurwerk een pijnlijke uitslag ontstond.

R laat het horloge achter en komt pas weer een uur later terug om het achter het gordijn vandaag te halen. Ik zie nog net het goudkleurige bandje om zijn pols blinken voordat hij de hal weer in verdwijnt.


Even schuldig in klei





De cliënten die de schuldige objecten uit hun gedachten niet (meer) in hun bezit hebben, krijgen de mogelijkheid ze in klei na te maken.

Schuldige objecten

 
 


 

Eigenlijk is het niet de vogel die gestraft moet worden

  
 
 
J kijkt over de drempel van de isoleer ruimte. Als we hem vragen of hij objecten heeft die hij zou willen straffen, verdwijnt hij richting zijn kamer om even later terug te komen met een geglazuurde vogel. J maakte deze ooit zelf op het 'Kreatief Atelier', naast museum Het Dolhuys in Haarlem.

Al snel blijkt dat het eigenlijk niet de vogel is die hij wil straffen, maar het miniscule prijskaartje rond zijn nek. Iemand heeft ooit 65 euro voor de vogel geboden, maar voor dat bedrag wilde J de vogel niet kwijt. Nadat J zich had bedacht, was er niemand meer die de vogel wilde hebben. Inmiddels kost deze 25 euro. Al twijfelt J nog steeds of hij de vogel niet wil houden. Als hij een kraai ziet, denkt hij vaak zijn opa te herkennen. De vogel van klei zou ook een kraai kunnen zijn en daarmee een gekoesterde verwijzing naar zijn opa. Toch herinnert het prijskaartje aan een telleurstellende geschiedenis.
 


De schuld van de mok




Een kan, een pot en een doosje staan klaar, in afwachting van de mok die zo meteen vanachter het gordijn tevoorschijn zal mogen komen.

Volgens Kabakov zijn het mogelijk onze dagelijkse objecten die maakten dat we vanochtend geen zin hadden om ons bed uit te komen. Misschien was het de mok aan mijn lippen die het zo akelig maakte de deur uit te gaan, dat haperende fietsslot dat vervolgens bepaalde dat ik vijf rode stoplichten op een rij zou tegenkomen. De spanning in mijn nek wordt al dagen braaf verlengd door dit doffe beeldscherm.

Zouden deze objecten hun negatieve karakter mogelijk kunnen bijstellen nadat ze van hun schuld bewust worden gemaakt?

Y heeft nonchalant een handdoekje over zijn schouders hangen. Zijn stoere houding wordt even onderbroken door pijnzende frons op zijn voorhoofd als hij denkt aan objecten die gestraft zouden moeten worden.
“dat colaatje”, zegt hij, “dat in een vredig bos uit een vliegtuig was gevallen. Ze dachten in dat bos allemaal dat het van de goden kwam enzo. Iedereen ruzie maken, ellende.”

Kababov in isoleercel


Dinsdag 8 september


Opnieuw is de isoleercel geopend. Vandaag met een opstelling naar het voorbeeld van Kabakov's "Punishment of Household Object".

"We are often inclined to blame other people for our unfortunate circumstances that turn out unluckily for us. But it is not inconceivable the reason could be things, moreover, things from our everyday existence which we cannot at all suspect. Take note: when you sit down at the table to do something and you are inexplicably seized by the feeling of some sort of loss or anguish, doesn't your glance fall on some object which irritates you intuitively and which you would like to get rid of? Of course, considering ourselves to be rational people and of sound mind, we try to suppress this strange feeling.

This is in vain, for the most paramount significance should be imparted to precisely this feeling.*

Our project envisages a special place or Black Corner for such objects that invoke these feelings. Two black curtains overlapping one another are hung from the ceiling to the floor in one corner of the room. Hence, a dark chamber is formed behind them, where guilty objects can be placed for a while. If a fair quantity of objects accumulate in the corner then they can be placed nearby in a waiting line.

After spending some time in the punishment corner, things usually lose their negative characteristics and can be returned to their places.

* This problem has still not been sufficiently illuminated scientifically, and scientists have only begun to approach a resolution to this problem.

Instructions
1. Buy two black matte strips of fabric that are exactly the same length as the distance from the floor to the ceiling.
2. Nail them to a wooden plank of 68cm at the top so that the edges of the strips overlap. (1)
3. Below these strips should widen to 130cm and swing out somewhat from the corner (2), to do this you have to nail the edges of both strips to the walls (cf. sketch) so that the edge covering the fabric remains vertically straight.
4. Take a teapot, a pitcher, a pot and a mug. Place one object inside, leave the other three on the outside." 




Uit: “The Palace of Projects” (1995-1998) door Ilya en Emilia Kabakov 
7.9.15

De dagafsluiting

De slangen rusten inmiddels alweer thuis, voor morgen zal er een re-enactment van Kabakov (Punishment of Household Objects) plaatsvinden in de isoleer ruimte.

De eerste spijkers zitten al in de muur. Morgen meer!




Ieder dier met een bewustzijn moet toch rusten?



“Het zijn meesterontsnappers.” zegt Roel als ik hem vraag naar zijn slangen.

“Maar vind je het dan niet triest om ze opgesloten te houden als ze zo graag willen ontsnappen?” vraag ik. In gedachten schets ik een krantenkop: ‘Ontsnapping uit een isoleercel, cobra’s op vrije voeten’. Roel haalt zijn schouders op

 “Ze weten niet beter dan hun gevangenschap.”

Wanneer ik hem vraag of deze slangen ooit wild hebben geleefd of anders misschien hun ouders, vertelt Roel mij over de slangenkweek. “Het is vooral de bedoeling van de kweek dat we geen dieren uit het wild hoeven te halen, zo blijven de wilde dieren wild.”

Ik vraag of slangen slapen en Roel antwoord dat ze geen oogleden hebben. Of ze slapen is daarmee ook niet goed te herkennen en of ze alert zijn eigenlijk evenmin. Het is waarschijnlijk dat ze een soort rustmodes hebben waarin ze tussen waken en slapen inzitten, tussen aanwezig en afwezig.

“Ieder dier met een bewustzijn moet rusten”, zegt Roel, “jij zelf toch ook?”.

Ik voel hoe het felle tl licht op mijn ogen werkt en beaam onmiddellijk.
“En hebben de slangen namen?” vraag ik hem vervolgens.

“Ik heb ze geen namen gegeven, maar kinderen doen dat vaak automatisch. Zo heb ik inmiddels bijvoorbeeld een kameleon die Pascal heet.”

Op dat moment komt een nieuwe bezoeker aanlopen. Hij loopt regelrecht op het glas af dat voor de ingang van de isoleerruimte is gezet om de “meesterontsnappers” binnen te houden.

“Ik heb eens drie dagen in de isoleer ruimte gezeten”, begint hij te vertellen “als ik nu hondsbrutaal weer in deze ruimte zou belanden, wat zou er dan gebeuren?”

“Voor de slangen hoef je in ieder geval niet bang te zijn”, zegt Roel “die doen niets”.

Geïnteresseerde terrarium bezoekers

 
 
Het woord verspreidt zich over de afdeling: slangen in de isoleercel! Dat er gratis koekjes zijn lijkt ook indruk te maken, maar hoe dan ook zijn er steeds meer geïnteresseerden die een kijkje komen nemen. Gehurkt zitten D en haar begeleider voor het terrarium. Hun ogen volgen de gladde buiken die over de eveneens gladde vloer glijden. Hoe gele krullen dieren blijken die zich traag een weg banen langs de hoeken van de kamer. Als uit een hypnose kijkt D op en vraagt “Slapen ze?”.
Een vrouw in een vrolijk paarse bloes slaakt een gil die het midden houdt tussen angst en plezier terwijl een ander zegt “Dit is wat ze in China eten”.

 
 


Of zijn het de takken die op slangen lijken

 
 
 

Roel houdt vanaf een stoel langs de muur een oogje op zijn slangen. Hij heeft zijn slangen vanochtend van huis meegenomen en houdt nauwkeurig in de gaten hoe ze zich door deze onwennige omgeving bewegen.  Ze lijken zich inmiddels op hun gemak te voelen, zo legt hij uit, want  ze bewegen steeds minder. Nu lijken de slangen haast over te lopen in de takken die ook in de ruimte zijn gelegd, of zijn het de takken die op slangen lijken?
Een man komt voorzichtig de voorruimte van de isoleercel  binnenlopen en gaat tegenover Roel staan.
“Zeg eens wat.”, verzoekt de man.
Roel begint over de slangen te vertellen. Dat het heel rustige dieren zijn en hoe ze op jonge leeftijd wel een meter per jaar kunnen groeien.
“Ik vind jou verbaal agressief.”, antwoord de man en wend zich verder dromerig tot de slangen.



Er wordt geklopt: "We willen naar binnen"


De eerste patiënten kloppen aan als we nog aan het opbouwen zijn. Vijf slangen zullen het zichzelf vandaag gemakkelijk maken in de isoleercel. Het terrarium is inmiddels ingericht; de isoleercel is geopend.

Maandag 7 september 2015




Maandag 7 september 2015

De vloer onder mijn voeten is zachtgroen, boven me zoemt een ventilatie systeem. Door het raam heb ik zicht op een hek waarachter bomen zachtjes wuiven in de wind. Ik zie de bladeren afzonderlijk van elkaar bewegen maar hun ruizen hoor ik niet. Het raam waarachter ik sta heeft dubbel glas. In de ruimte tussen de ramen liggen een paar dode vliegen op hun rug. Ik bekijk ze een tijdje, tuur nog even uit het raam en ga zitten op de rand van het bed. Ik pluk wat aan de blauwe deken en bestudeer de afdrukken op de muur en het plafond. Ik zie lichte krassen, deukjes en hier en daar een spetter van wat koffie lijkt. Deze sporen zijn afkomstig van de patiënten die zich voor mij in deze ruimte bevonden. Ik ben namelijk in een isoleercel van de gesloten psychiatrische inrichting van GGZ InGeest in Bennebroek.

De ruimte is warm en ik voel me gespannen. Ik begin te transpireren en plotseling verschijnen er allerlei vreemde taferelen voor mijn geestesoog. Ik zie kronkelende slangen die me koel aankijken vanaf takken, ik zie mensen mediteren op zachte kussentjes, ik neem een rimboe aan kamerplanten waar en zie nog net een theepot achter een gordijn verdwijnen. Ik wrijf in mijn ogen. Een masseur verschijnt en klapt haar tafel uit in de ruimte, plots is ze weg en dansen er 19e eeuwse schilderijen voor mijn ogen. Een man stroopt zijn mouwen op en speelt een stuk op een vleugel waarvan ik niet weet of het uren duurt of slechts minuten.

Zullen we alles nog even doorlopen? vraagt Aëgerter. Ik knipper met mijn ogen en de ruimte is leeg. Toch zijn de voorstellingen van zo even geen waanbeelden of bijwerkingen van medicatie met moeilijke namen. Ik ben namelijk geen patiënt, maar een schrijver. Aëgerter is geen dokter maar een beeldend kunstenaar. De isoleercel waar we ons begeven is daarentegen wel echt, en alle absurde dingen die ik me zojuist inbeeldde gaan er deze week toch echt plaats vinden. Deze ruimte is namelijk het decor van Aëgerter haar nieuwste project: LEVIATHAN.

In LEVIATHAN
wil Laurence Aëgerter de maatschappelijke rol van de separatie ruimte onderzoeken. Een actueel onderwerp: Nederland werd namelijk vorig jaar door de VN op de vingers getikt n.a.v. de wetgeving Zorg en Dwang. Ondertussen wordt er hard geschroefd aan deze wet, maar is er nergens wat van terug te vinden. Er heerst een taboe op het onderwerp isoleercellen en er zijn maar weinig actuele cijfers van te vinden. Toch klinken er ook positieve geluiden door: de separeer ruimte waarin ik mij begeef is namelijk al ruim een jaar niet gebruikt. Maar hoe zit het eigenlijk met de rest van de instellingen in Nederland? Door voor dit project samen te werken met InGeest wil Aëgerter een katalysator zijn om het gesprek op gang te krijgen. Daarbij wil ze graag een steentje bij dragen om het protocol voor het gebruik van de isoleercel terug te dringen, en tegelijkertijd te helpen om het stigma rondom psychische problemen te verkleinen.

In het verleden werkte Aëgerter al eerder aan projecten waarin onderwerpen op een nieuwe manier belicht worden. Zo fotografeerde ze in 2007 alle monumenten en landschappen uit een encyclopedie vanaf precies de tegenovergestelde richting. (180 º encyclopedia ) Ook transformeerde ze in 2009 tijdens een resident een oude peeskamer van een bordeel tot o.a. een snackbar en een zwembad. (Opening Soon/Opening Now). De ruimte in de psychiatrische inrichting doet denken aan het project met de peeskamer: het zijn ruimtes ongeveer van de zelfde afmeting, ruimtes waar traumas zijn ontstaan. Beide zijn zij al tijden niet meer voor een oude doel gebruikt, maar zijn ze nieuw leven ingeblazen door Aëgerter. Ik ben erg nieuwsgierig naar hoe haar ideeën vorm gaan krijgen komende week, en kijk er naar uit om eind van de week terug te keren in deze isoleercel. Een uitspraak die vast en zeker nog niet eerder is gemaakt over deze ruimte.

Wat zij met deze separeer ruimte gaat doen is van maandag 7 september t/m zondag 13 september te volgen via deze blog. Tevens is dit project op zaterdag de 12e en zondag de 13e te bezoeken voor mensen van buitenaf. In navolging op dit project wilt Aëgerter een symposium organiseren in de psychiatrische inrichting waar LEVIATHAN zich afspeelt. Vanaf zondag 7 oktober zal Leviathan gepresenteerd worden in museum Het Dolhuys in Haarlem, als onderdeel van de tentoonstelling De Maakbare Mens.